
Bas van Berkel
Ik ben christelijk opgevoed en als kind altijd naar de kerk gegaan.
Totdat er in mijn gezin van herkomst onveiligheid ontstond en ik, aan het begin van mijn pubertijd, van God verwijderd raakte. Ik besloot afleiding en comfort te zoeken in allerlei dingen. Tegen het einde van mijn pubertijd had ik steeds meer nodig om de pijn en de onveiligheid niet te hoeven voelen. Ik werd depressief en begon mij steeds minderwaardiger te voelen omdat ik slaaf was van mijn eigen pijn en vluchtgedrag.
Toen ik negentien was concludeerde ik dat ik niet zo door kon gaan en ben ik langzaam gaan terugkijken. Ik besefte dat ik onderweg wat was verloren: verbinding met God. Ik besloot dat ik weer meer van God in mijn leven wilde, maar ik wist niet hoe. Ik vertelde in die periode aan een vriend dat ik het verlangen heb om weer eens naar de kerk te gaan. Met die vriend ben ik daarna een kerktour gaan doen. Ook vroeg ik in de periode regelmatig aan God of hij weer terug in mijn leven wilde komen. Tegelijkertijd was ik nog flink met mezelf aan het worstelen en was ik slaaf van allerlei dingen.
In 2018 had ik met vrienden afgesproken om op kerstavond naar de kerk te gaan. Die dag koos ik toch weer voor verdoving en ben ik behoorlijk onder invloed geraakt. Op dat moment bedacht ik dat ik het nu ongeveer wel verknald had. Ik schaamde me dat ik, nu ik God voor mijn gevoel het hardst nodig had, ik opnieuw stoned was. En dat op de dag dat gevierd wordt dat Jezus voor ons naar de aarde kwam.
Ik besefte dat ik niet naar de kerstdienst kon gaan, omdat ik zichtbaar onder invloed was. Toch ben ik die avond op wonderbaarlijke wijze in de kerk beland. In de kerkdienst ging het over dat Jezus naar de aarde kwam, voor ons, om een nieuw begin te maken. Degene die een nieuw begin wilde maken konden hun hand opsteken. Dat vond ik maar gek en deed ik niet. Totdat een vriend, waarnaast ik zat, zijn hand opstak. Dit was het laatste zetje wat ik nodig had. Tijdens de dienst voelde ik dat het gevoel van onder invloed zijn verdween en er rust over me kwam.
Tijdens deze kerstdienst ben ik bekeerd van mijn oude leven. In de periode daarna heeft God me bevrijd van verslavingen en ander vluchtgedrag. God liet een nieuwe weg zien; een weg van herstel voor mij en mijn gezin van herkomst. Ik vond die avond een nieuwe bron. Een bron van hoop, genade en bevrijding.

