20230817_200744000_iOS-1.JPG

Lieke Visser

Romeinen 8:28-29 leest: 

“We weten dat God alles ten goede zal gebruiken voor de mensen die van Hem houden en die Hij volgens zijn plan geroepen heeft om bij Hem te horen. Want God wist van tevoren al welke mensen van Hem zouden gaan houden. En van tevoren had God al de bedoeling dat die mensen op zijn Zoon zouden gaan lijken.” 

God wist van tevoren al welke mensen van hem zouden gaan houden. God wist al van tevoren, al lang van tevoren dat ik van hem zou gaan houden. Hij wist al dat ik op dit punt zou komen, al wist ik dat zelf nog niet, al wees ik hem keer op keer af, liep ik van hem weg. God wist dat ik naar hem terug zou komen, en zou zeggen “ik kan er niet langer om heen, ik hou van u Heer, en ik accepteer mijzelf als kind van U”. 

Ik ben christelijk opgevoed en opgegroeid met Jezus, maar heb eigenlijk mijn hele jeugd de vraag gehad “waar bent U Heer?”. Door de ziekte van mijn moeder heen, waarvan werd gezegd dat er een kleine kans was dat zij aan de andere kant hiervan zou komen. Door de eenzaamheid die ik ervaren heb, omdat niemand mij begreep, op gebied van school, gevoelens, tot mijn seksualiteit. Dit waren jaren waar ik God compleet uit mijn leven pleitte. Ik verzonk in een depressie, waar ik geen licht meer zag, en niet verder vooruit kon zien. Ik voelde me alleen gelaten, het voelde alsof de wereld niet groter was dan het donkere hoekje waar ik schuilde van de wereld. De vijand had me zo krachtig in zijn grip dat ik me afsloot van contact, van de wereld, en van God. Ik was ervan overtuigd ‘iemand als ik, daar is God niet voor aan het kruis gestorven. Dat gaat niet over mij. Ik ben verre van het ideale plaatje.’ Ik herinner me de vele momenten dat de duisternis mij overspoelde, en ik opgaf. Ik gaf toe aan de duisternis. En dit was bijna waar mijn verhaal tot een einde kwam. 

Hierbij moet ik denken aan het verhaal van Petrus die door de storm over het water naar Jezus toe liep, tot hij door het water zakte, en hij riep om Jezus’ hulp. Op dit moment vertrouwde Petrus God niet.

Dat was in mijn geval ook zo, ik vertrouwde niet op God, maar hij heeft mij niet voor niets hier op aarde gehouden. Hij had toen, en hij heeft nu een bedoeling met mij. En om eerlijk te zijn, weet ik nog steeds niet op welk pad God mij precies wil leiden, maar een vriend vertelde mij eens “laat ruimte in je relatie met God om hem jou te laten kneden”, en dit neem ik dagelijks mee in mijn relatie met God. 

Het geloof is niet altijd zeker, soms moet je een sprong in het diepe nemen. Maar je mag vertrouwen op wat er in de bijbel staat, dat is wat mij terugkeerde in de armen van onze machtige God. Ik ben mens, en ik ben niet perfect, maar ik geef mijn zonde en mijn duisternis aan God, wat er ook gebeurt, ik doe het met Gods hand in de mijne, hand aan hand loop ik de rest van mijn leven met hem. En ik weiger de anders te doen.

Binnen Mozaiek010 kun je je laten dopen. Door de doop laat je zien dat je je oude leven wilt achterlaten en een nieuw leven met Jezus Christus wilt gaan leven. Door de doop zetten volgelingen van Jezus publiekelijk een nieuwe stap in hun geloof.